Jij bent perfect!

Een kleurrijk mixed-media portret van 116x70cm van een biddende vrouw, opgebouwd uit verf, bloemen, beelden en uitgescheurde woorden. Haar gesloten ogen en zachte, wat melancholieke uitdrukking vertellen over kwetsbaarheid en innerlijke stilte, terwijl de uitbundige kleuren en bloeiende vormen spreken van groei, hoop en nieuw leven.

Ontstaan

Er was een tijd waarin ik dacht dat ik gewoon wat rustiger aan moest doen. Dat was gemakkelijker gedacht dan gedaan.Mijn dagen waren gevuld met werk, de zorg voor onze dochter, het huishouden en alles wat daar tussendoor komt. Er was altijd wel iets dat mijn aandacht nodig had. Ik was gewend om door te gaan. Als iets af moest, maakte ik het af. Als iemand mij nodig had, was ik er. En als er thuis nog iets moest gebeuren, deed ik dat ook.

Ik merkte wel dat ik moe was. Maar moe zijn kon toch? Iedereen was wel eens moe. Dus ging ik door.Tot mijn lichaam het voor mij besloot.

Een burn-out.

Het woord kwam mijn leven binnen op een moment waarop ik eigenlijk geen woorden meer over had. Ik kon niet meer op dezelfde manier verder. Maandenlang volgde ik therapie en probeerde ik te leren wat mijn lichaam al veel eerder had geweten: dat ik grenzen had. Dat ik niet alles hoefde te dragen. Dat rust geen beloning is voor wanneer alles klaar is, maar soms een voorwaarde om überhaupt verder te kunnen.

Het was een vreemde tijd. Er kwam stilte. En in die stilte ontdekte ik iets waarvan ik niet wist dat ik het nodig had.

Papier.

Ik begon in tijdschriften te bladeren. Zonder doel. Ik scheurde stukjes uit die me aanspraken. Een kleur. Een foto. Een zin. Een woord. Mijn tafel lag op een gegeven moment vol met losse fragmenten. Ik had geen idee wat ik ermee wilde maken. Misschien hoefde ik dat ook niet te weten.Voor het eerst in lange tijd hoefde iets nergens naartoe. Mijn handen mochten gewoon kiezen.

Een roze bloem. Een gezicht. Een stukje tekst. Een woord dat ik ergens tussen andere woorden vond en waarvan ik dacht: ja, deze. Ik verzamelde ze. Alsof ik iets aan het verzamelen was wat ik onderweg was kwijtgeraakt.

Bijzonder.

Uniek.

Perfect

Ik wist niet waarom juist die woorden me zo raakten. Misschien omdat ik mezelf in die periode vooral zag als iemand die tekortgeschoten was. Iemand die niet meer kon wat ze vroeger kon. Iemand die het allemaal anders had moeten aanpakken. Ik had jarenlang geprobeerd om alles goed te doen. En nu moest ik leren dat goed niet hetzelfde is als perfect.

Ik plakte de gescheurde woorden op een schilderdoek. Daaroverheen kwam verf. Kleuren. Lijnen. Bloemen. Ik liet het ontstaan zonder precies te weten waar ik uit zou komen. En langzaam verscheen er een vrouw.

Haar ogen waren gesloten. Ze leek te bidden. Haar gezicht had iets verdrietigs. Niet dramatisch. Eerder stil. Alsof ze ergens diep vanbinnen iets aan het verwerken was. Maar rondom haar gezicht barstte het van de kleur.

Bloemen. Roze. Rood. Geel. Wit...

Alsof haar verdriet niet het enige verhaal was. Ik bleef naar haar kijken. Ik wist niet precies waarom, maar ik voelde dat ik haar kende. Misschien omdat ik mezelf in haar herkende.Ik was nog niet helemaal hersteld. Er waren nog dagen waarop ik verdrietig was. Dagen waarop ik mijn oude energie miste. Dagen waarop ik twijfelde of ik ooit weer helemaal mezelf zou worden.

Maar er was ook iets aan het groeien.Iets nieuws. Misschien was herstel niet terugkeren naar wie ik was. Misschien was het ontdekken wie ik mocht worden.Ik schreef de woorden in het schilderij.”Perfect zoals jij bent”

Toen wist ik nog niet dat ik die woorden jarenlang nodig zou hebben.Ik hing het schilderij aan onze muur. En daar bleef het.


DE REIS

Soms werd ik verdrietig zonder precies te weten waarom. Dan liep ik door de kamer en bleef mijn blik hangen bij het schilderij.De vrouw keek me niet aan. Haar ogen waren gesloten. Ze leek ergens anders te zijn, in een stilte waar ik niet helemaal bij kon.Ik keek naar de woorden in het portret.

Het waren maar woorden. Maar op sommige dagen waren woorden genoeg.Ik hoefde het schilderij niet eens bewust te lezen. Het was er gewoon. Als een stille herinnering aan iets wat ik tijdens mijn herstel steeds opnieuw had moeten leren.Dat ik niet minder waard was omdat ik moe was.Dat ik niet minder bijzonder was omdat ik niet alles kon.Dat ik niet hoefde te voldoen aan een beeld van perfectie.

Het schilderij vroeg niets van mij. Het bleef gewoon hangen. Misschien was dat waarom het mij zo troostte.

Op een dag kreeg ik de mogelijkheid om tijdens een vrouwendag in de kerk over het schilderij te vertellen.Ik stond voor een groep vrouwen en vertelde het verhaal dat achter het doek zat.Ik vertelde over mijn burn-out. En over hoe het schilderij mijzelf steeds opnieuw bemoedigde. Na mijn verhaal kregen de vrouwen vragen om met elkaar te bespreken.Ik zag hen in groepjes zitten. Sommige gesprekken waren zacht, andere levendig. Vrouwen bogen zich naar elkaar toe. Er werd geluisterd.Ik wist niet wat al die gesprekken precies zouden voortbrengen. Maar terwijl ik daar stond, keek ik opnieuw naar mijn schilderij.

En ik dacht: Misschien is dit groter dan ik.

Ik had het gemaakt omdat ik zelf iets nodig had. Maar misschien kon het nu iets betekenen voor iemand anders.Niet omdat ik wist wat een ander nodig had. Maar omdat iedereen woorden meedraagt. Woorden die je klein kunnen maken.Woorden die je ooit zijn toegeworpen en die je later zelf bent gaan geloven.En misschien zijn er ook woorden die je opnieuw moeten leren geloven.

Niet lang daarna ging het schilderij mee naar een expositie in Raalte.Daar stond het tussen andere werken. Een lerares van een middelbare school bleef ervoor staan. Ze vertelde me over de onzekerheid die zij bij jongeren zag. Over de druk waaronder zij stonden. Over hoe moeilijk het voor jongeren kan zijn om zichzelf te zien als waardevol.

Ze vroeg of ze een foto van het schilderij mocht hebben.Ze wilde het aan haar leerlingen laten zien.Misschien kon het iets betekenen in een les over weerbaarheid.

Toen ik later naar huis reed, dacht ik aan de vreemde reis die dit schilderij al had gemaakt. Het was begonnen aan mijn eigen tafel. Het was geboren uit mijn eigen herstel. Het had jarenlang bij ons thuis gehangen. En nu zou het misschien een klaslokaal binnenkomen.Ik had het gevoel dat ik het schilderij langzaam moest leren loslaten. Maar ik wist nog niet dat het grootste hoofdstuk nog moest beginnen.


DE PLEK

LIV in Connection wilde het schilderij kopen. Ik las over het werk van de stichting en bleef even stil.

De stichting begeleid vrouwen die prostitutie achter zich willen laten en ondersteunen hen wanneer dat nodig is ook bij het loskomen van verslaving en het verwerken van onverwerkt trauma. Ze werken samen aan een nieuwe toekomst, waarin vrouwen weer zelfstandig en met vertrouwen richting kunnen geven aan hun leven.

Ik las de woorden identiteit en weerbaarheid. En ik dacht aan mijn eigen schilderij. Aan die vrouw met haar gesloten ogen.Aan de woorden die ik ooit uit tijdschriften had gescheurd. Aan mijn eigen zoektocht naar wie ik was nadat ik niet meer kon functioneren zoals ik gewend was. Er zat ineens een verbinding die ik niet zelf had bedacht.

Mijn schilderij ging naar de huiskamer van de stichting. Hier kunnen de prostituees een kop koffie drinken of worden er activiteiten georganiseerd.

Naast mijn werk hing een spiegel.Toen ik dat hoorde, bleef dat beeld bij me. Een spiegel naast mijn schilderij. Ik stelde me voor hoe iemand daar zou kunnen staan.Eerst kijkend naar de vrouw op het doek. Dan naar de woorden. En vervolgens naar zichzelf.Ik dacht aan de woorden die ik vroeger over mezelf geloofde. Aan de stemmen in je hoofd die soms harder spreken dan de mensen om je heen. Aan hoe gemakkelijk het is om jezelf te reduceren tot wat je hebt gedaan, wat je hebt meegemaakt, waar je vandaan komt. Maar niemand is alleen zijn verleden. Niemand is alleen zijn fouten. Niemand is alleen datgene wat zichtbaar is.

Misschien zou een vrouw daar staan en voor het eerst in lange tijd niet alleen naar zichzelf kijken met de ogen waarmee ze gewend was zichzelf te beoordelen.Misschien zou ze in het schilderij lezen.

‘Jij bent perfect gemaakt‘

En dan haar eigen spiegelbeeld zien. Ik wist niet of dat zou gebeuren.Ik weet het nog steeds niet.

Maar ik hoop het.


DE LES

Toen ik later weer aan het schilderij dacht, moest ik terugdenken aan de tijd waarin ik het maakte.Ik dacht aan die tafel vol tijdschriftknipsels.Aan mijn handen.Aan de stilte.Aan de vrouw die langzaam ontstond.

En ineens zag ik iets wat ik toen nog niet had begrepen.De vrouw op het schilderij bidt. Haar ogen zijn gesloten.Misschien was dat wel het hart van het schilderij.Niet de woorden die ik had gevonden.Niet eens de bloemen. Maar het vertrouwen dat er Iemand is naar wie ik mijn ogen mag sluiten. Ik had mezelf tijdens mijn herstel opnieuw moeten leren zien.Maar misschien was ik ondertussen ook aan het leren hoe God mij ziet. Niet zoals ik mezelf soms zie. Niet als iemand die eerst beter, sterker of perfecter moet worden.

Maar als Zijn kind.

JIj bent perfect!.

Dat inzicht bleef niet bij mezelf. Want als ik geloof dat God zo naar mij kijkt, wat betekent dat dan voor de manier waarop ik naar een ander kijk? Naar de vrouw die voor mijn schilderij staat. Naar de jongere die onzeker is. Naar iemand die keuzes heeft gemaakt waar hij of zij later spijt van heeft. Naar iemand wiens verhaal ik niet ken.

Misschien mag ik leren om niet als eerste te kijken naar wat iemand heeft gedaan. Maar naar wie iemand is. En is dat wat dit schilderij mij uiteindelijk heeft geleerd.

Ik maakte het ooit om mezelf te bemoedigen. Het hing jarenlang aan onze muur.Daarna vertelde ik erover in een kerk. Een lerares zag er iets in voor haar leerlingen. En uiteindelijk kwam het terecht in een huiskamer voor gebroken vrouwen waar een spiegel naast het schilderij hangt.

Het schilderij verliet mijn huis. Maar het verhaal bleef bij mij. Sterker nog, het verhaal werd groter.

Ik begon met een burn-out. Met een gevoel van tekortschieten. Met losse woorden die ik uit tijdschriften scheurde omdat ik ze nodig had. En zonder dat ik het wist, was ik bezig een boodschap te maken die veel verder zou reizen dan mijn eigen woonkamer.

Soms vraag ik me af wat er gebeurt wanneer iemand daar voor het schilderij staat. Of ze de woorden leest. Of ze zichzelf daarna in de spiegel ziet. Of ze misschien heel even denkt:

Misschien ben ik inderdaad meer dan mijn verleden. Misschien ben ik meer dan wat ik heb gedaan. Misschien ben ik geliefd.

Ik zal het misschien nooit weten. En misschien hoeft dat ook niet. Want kunst laat je uiteindelijk los. Je geeft het mee. En daarna begint het een leven dat je niet meer kunt sturen. Ik denk dat dat ook iets van geloof is. Loslaten en Vertrouwen.

Ik kijk nog eens naar de vrouw op het doek. Haar ogen zijn gesloten. Rondom haar gezicht bloeien de bloemen. En tussen de kleuren staan de woorden die ik ooit nodig had. Nu weet ik dat die woorden niet alleen voor mij waren. Ze waren misschien een les om anders te leren kijken. Naar mezelf en de ander door de ogen van God. En misschien begint genade soms precies daar. Bij iemand die voor een spiegel staat. Bij een schilderij aan de muur. Bij een paar woorden.